Wanneer gebruik je de present continuous?
We gebruiken de present continuous in de volgende situaties:
1. Activiteiten op het moment van spreken Iets wat nu gebeurt terwijl je praat.
- Voorbeeld: “She is working.” (Zij is aan het werken)
2. Toekomstige plannen of afspraken
- Voorbeeld: “What are you doing next tomorrow?” (Wat doe je morgen?)
Hoe vorm je de present continuous?
| Soort Zin | Vorm | Voorbeeld |
| Bevestigend | am / is / are + werkwoord + ing | “I am talking.” “She is working.” |
| Ontkennend | am / is / are + NOT + werkwoord + ing | “We are not listening.” “He isn’t walking.” |
| Vragend | Am / Is / Are + persoon + werkwoord + ing? | “Are you sleeping?” “Is it raining?” |
Oefeningen
Bevestigende zinnen
Ontkennende zinnen
Vragende zinnen